Verhaalhalen.jouwweb.nl
Home » Absurd » De Muze en de onderbroek

De Muze en de onderbroek

 

Wat hebben gebreide wollen onderbroeken nu te maken met Muzen, laat staan met mijn ouwe kat? Op het eerste gezicht niets. Zou een maffe kringredenering een onwaarschijnlijk verband kunnen leggen?

 

Ik schrijf doorgaans tussen twee schrijversblokken in. Wie schrijft, staat er alleen voor! Echter, na een weinig productieve periode kwam Koos Kater in mijn leven. Toen Kijfke hem de deur uit schopte, vroeg haar schoonzoon - mijn goede vriend Fokke - mij om het arme beest tijdelijk op te vangen.

 

Hij is een castraat, voorheen lapjeskater, wat op zich al een wonder mag heten. Tot voor kort was Koos vrij zwijgzaam. Maar sinds enige tijd zegt hij dingen, die ik niet eens niet durf te denken. Nu leest hij eerst mijn conceptteksten en becommentarieert ze. Soms suggereert hij een onverwachte draai, die ikzelf niet kon verzinnen. Het hele eieren eten is dit: Koos heeft "ze" door! En "ze" zijn allerlei mallotige lieden, die mijn levenspad doorkruisen. Ikzelf probeer maar serieus te kijken als ze onzin oprispen, maar bij Koos gaat het van "prik, prik, prik" en dan knallen de ballonnetjes uit elkaar! Hij heeft wel iets van Petew  Ew. de Vwies; ook Koos onthult en ontmaskewt.

 

Door hem krijgt de letterbrij, die op mijn hersenschors staat geprojecteerd, ineens vorm. Terwijl Koos op mijn schoot op de monitor meekijkt, dwalen mijn vingers zoekend over het toetsenbord. Verrek, Koos is mijn Muze! Vroeger bestond mijn voorstelling van Muzen uit wulpse - in luchtige kledij gehulde - slanke doch goed bedeelde jongedames. Dat heb ik nu weer: mijn Muze is een oude knorrige kater, die aan verhalen een duistere wending geeft.

 

Sinds zijn komst krijg ik inzicht in hoe Fokke zich met  een destructieve schoonmoeder staande houdt. De laatste wilde al een tijdje van Koos af, omdat hij op haar gitzwarte bedrijfstenue witte haren achterliet. Als zij een rondje op haar bezem had gevlogen, zette zij dit tuig rechtop in de hoek van de kamer en spreidde ze haar kostuum uit op haar lits jumeau. Dan konden de sulfurdampen eruit optrekken.

 

Anders dan haar collega's, die altijd zwarte katten hebben, had Kijfke een gevlekt exemplaar. Wanneer Koos op die kledij ging liggen - een niet te onderdrukken gewoonte van huiskatten - liet hij een tapijt van voornamelijk witte haren achter. Behalve dit minpunt waren er nog meer fricties tussen hen. In zijn arbeidsvoorwaarden had Koos namelijk laten opnemen, dat hij niet op Kijfke's schouder of bochel hoefde te zitten. Zoals u weet, poseren heksen altijd op die manier voor tekenaars van kinderboeken.

 

Maar wat uiteindelijk de relatie op de tocht zette, was dat Koos op de onderste treden van de trap had overgegeven. Kijfke was over dat kwakje uitgegleden en had zich deerlijk bezeerd. Fokke verkneuterde zich bij de gedachte wat er zou gebeuren als Koos eens smerige derrie op de bovenste traptreden deponeerde. Hij hield nauwlettend in de gaten wanneer Koos weer een haarbal moest ophoesten. Na een goede likbeurt van zijn vacht, kreeg Koos van Fokke wat lekkers, waardoorheen hij fijngehakt gras had geprakt. Kort daarop produceerde Koos een vorstelijke plak kots op de juiste plek. Je zou na de daaropvolgende rotsmak denken "dat wordt geheid Fokke - Kijfke : 1 - 0".

 

Kijk, op dit soort momenten loop ik vast, maar dan neemt Koos het typen over en vliegen zijn nageltjes over het keyboard; ik lees met verbazing het volgende:

 

< Ofschoon Kijfke inderdaad een spectaculaire salto maakte, belandde ze - met alle onderdelen nog aan elkaar - beneden aan de trap. Zij was ongeschonden, zij het enigszins verfomfaaid. Want waar Fokke geen rekening mee had gehouden, was dat Kijfke zo lenig was als een bos uien. In haar jonge jaren had ze op Olympisch niveau geturnd. Zij beheerste bijvoorbeeld als een van de eersten de dubbele flikflak met halve draai. Uitslag dus nog steeds 0 – 0…>

 

Ik stelde mij huiverend Kijfke voor in een turnpak. Voor mijn geestesoog springen lenige turnmeisjes van vóór de Eerste Wereldoorlog bevallig door Olympische ringen. En verdikkeme, hij heeft het geflikt; ik zie ineens dat het kringetje rond is: ze huppelen namelijk frivool rond in hun eigentijdse dikke, gebreide wollen onderbroeken in plaats van het ons bekende strakke stretchfluweel.

 

De moraal van het verhaal? Eh… ik houd hier een kater aan over.

 

Commentaren op Web Tales

 

en nederlands.nl (nog geen link)

 

N.B. Met een bijdrage van Koos Kater